Belevenis van een FC Twente-fan
Dit weekend kan het gebeuren: Twente voor het tweede achtereenvolgende jaar landskampioen (edit: Dat is dus niet gebeurd. 15 mei 2011 wordt dé wedstrijd, Ajax-Twente). En anders natuurlijk tijdens de laatste wedstrijd van het seizoen tegen Ajax.
Ja, tot u spreekt een Twente-fan.
Nouja… fan, ik ben wel eens naar wedstrijden geweest. Waaronder Twente tegen Ajax.
Ik zat nog op school en woonde in Hengelo. Mijn betrokkenheid bij de Enschedese club FC Twente beperkte zich tot het zien van het bord waarop de wedstrijden stonden aangekondigd. (Aan de linkerkant van de weg als je Enschede inrijdt, vlak bij het park waar de stenen adelaar op de ene sokkel lange tijd naar de lege sokkel van zijn kapotgemaakte maatje heeft gekeken)
Op gegeven moment kwam ik bij Tom in de klas en die was echt Twente-fan. Niet dat hij tot de harde kern behoorde want die stond in vak P en wij stonden tijdens de wedstrijden waarheen we gingen gewoon in het vak ernaast: PP.
En daar stond Tom dan tussen de doelpunten door te zoenen met zijn vriendinnetje. Want Tom had al een vriendinnetje. Daardoor voelde ik mij soms een vijfde wiel aan de wagen en hield dus maar de wedstrijd extra goed in de gaten.
Zo zag ik Jan Wouters voetballen toen ‘we’ tegen Bayern München moesten. En ik kan me het spreekkoor nog herinneren ter aanmoediging van een kennelijk belangrijke speler op dat moment: Oe a Mrkela, say oe a Mrkela. Twente: Het land van tekstschrijvers als Willem Wilmink en Herman Finkers.
Twente tegen Ajax dus.
Voordat we via de stenen trap de tribune op kunnen worden we gefouilleerd door een suppoost. Overigens een mooi woord om in het Twents uit te spreken, suppoost.
Op het moment dat ik word gecontroleerd hoor ik opeens achter mij een waarschijnlijk suïcidale Ajaxied hard de naam van zijn club roepen.
In mijn beleving nam het aantal Twentesupporters achter mij in één klap toe tot de omvang waar een flink Romeins legioen bij in het niet valt. In een stofwolk, oerkreten uitstotend stuiven ze achter de Ajax-roeper aan, vlak achter mij langs. Met een Matrix-achtige beweging van mijn lichaam weet ik te voorkomen dat ik word meegesleurd. Zwaaiend met opgeheven rood-witte paraplu’s zie ik ze om de hoek van het Diekmanstadion verdwijnen.
Geen idee hoe het is afgelopen of van het verloop van de wedstrijd. Maar ik weet nog heel goed dat die plotselinge omslag in sfeer en de dreiging van de massa een grote indruk op mij hebben gemaakt.
Na mijn verhuizing uit Hengelo ben ik nooit meer naar een voetbalwedstrijd geweest. Maar ook al zou ik me echt geen fan noemen, ik draag FC Twente nog steeds een warm hart toe. En dus hoop ik dat ze dit seizoen als winnaar afsluiten. En als iemand mij uitnodigt de laatste wedstrijd tegen Ajax in het stadion mee te maken zeg ik vol overgave: Ja, graag (hinthint)!
